DEN HAAG – Het is nog verre van duidelijk hoe het kabinet de jeugdzorg in de toekomst precies wil vormgeven.
Tijdens een Kamerleg daarover, maandag, daagde de oppositie staatssecretaris Veldhuijzen uit helderheid te geven over haar plannen. De woordvoerders van VVD, PVV en CDA kwamen tijdens het overleg vooral met aanvullende voorstellen.
De Kamer staat nog steeds unaniem achter de voorgenomen decentralisatie van de jeugdzorg die VVD, PVV en CDA afgelopen najaar overeenkwamen.
Uitgangspunt daarbij is dat de totale jeugdzorg –de provinciale jeugdzorg, jeugdbescherming en jeugdreclassering, de jeugd-ggz, de zorg aan licht verstandelijk beperkte jeugdigen en de gesloten jeugdzorg– zeer waarschijnlijk per 1 januari 2015 vanuit het Rijk en de provincie wordt overgeheveld naar gemeenten. Vanaf 2017 moet dat een besparing opleveren van 300 miljoen euro per jaar.
Van gemeenten verwacht het kabinet vooral een sluitend preventief zorgaanbod, zodat risicogezinnen tijdig hulp krijgen, voordat er ingrijpende maatregelen zoals gedwongen opnamen of uithuisplaatsingen nodig zijn.
Een belangrijke rol daarbij is weggelegd voor de Centra voor Jeugd en Gezin (CJG), een samenvoeging van onder andere consultatiebureaus, jeugd-ggd’s en bijvoorbeeld zorgadviesteams van scholen.
Het kabinetsplan is goed, vindt ook de oppositie. Maar vooral de woordvoerders Dijsselbloem (PvdA), Wiegman (ChristenUnie) en Dibi (GroenLinks) drongen bij staatssecretaris Veldhuijzen aan op meer duidelijkheid.
Mogen gemeenten hun CJG naar eigen inzicht optuigen of gaat het kabinet minimumvereisten opleggen? wilde Dijsselbloem weten. En aan welke kwaliteitscriteria moet de jeugdzorg van gemeenten straks voldoen?
Staatssecretaris Veldhuijzen verwees naar de Beginselenwet zorginstellingen, een wet die de rechten van cliënten beter vastlegt, maar nog behandeld moet worden door de Tweede Kamer.
Het bracht Wiegman tot de verzuchting wie de regie voert over de totstandkoming van passende kwaliteitscriteria. „Doet het kabinet dat of moet de Kamer straks stevig gaan amenderen?” wilde zij van Veldhuijzen weten. Een duidelijk antwoord kwam er niet.
De aankondiging van Veldhuijzen dat de Kamer in april, na een volgende overlegronde met vertegenwoordigers van provincies en gemeenten, schriftelijk nader wordt geïnformeerd, maakte het er niet beter op. „Zo valt er niet te debatteren”, beet Dibi de staatssecretaris toe.
De overige woordvoerders deden er het zwijgen toe, inclusief die van VVD, PVV en CDA. Om te voorkomen dat de oppositie Veldhuijzen doorlopend op de pijnbank zou leggen, brachten zij een aantal aanvullende wensen in.
Zo wil de VVD dat rechters criminele 12-minners die onder toezicht worden geplaatst kunnen verplichten om een cursus agressieregulatie te volgen. De PVV wil een hoofddoekjesverbod voor medewerkers in justitiële jeugdinrichtingen.
Bron: www.refdag.nl

